Karin Maas (70) groeide op in 's-Hertogenbosch, in de wijk Deuteren, een straat vol militairengezinnen, Indische en Molukse buren en, belangrijker nog: een eindeloze stroom kinderen om mee buiten te spelen. “Er waren er honderden,” zegt ze. Of dat exact klopt laten we in het midden, maar dat het gezellig was, staat vast.

Eigenlijk wilde Karin bij de politie, maar het werd de zorg. Achteraf gezien paste dat misschien wel beter. Ze bleek geen ziekenhuistype, maar iemand van het contact, het begeleiden, het er écht zijn voor mensen. Na een korte carrière in de boekhandel, opleidingen, zorg- en managementfuncties vond ze haar plek als casemanager dementie bij BrabantZorg. Elf jaar lang begeleidde ze mensen en hun naasten, van de eerste signalen tot het moment dat thuis wonen niet meer ging.

Dementie is geen makkelijke materie, het is een ziekte van verlies, zonder pauzeknop. Maar Karin had een bijzondere kwaliteit: ze maakte echt contact, zonder betutteling. Vertrouwen winnen was haar kracht. “Als ik zei dat iets nodig was, dan gebeurde het ook, omdat mensen mij vertrouwden.” Geen kleine prestatie, als je bedenkt dat ze soms tachtig cliënten tegelijk begeleidde.

Haar coming-out? Die kwam niet met een donderslag, maar eerder met een zacht duwtje. Karin was een laatbloeier. Rond haar 24e merkte ze dat relaties met mannen het toch niet helemaal waren. En toen “rolde ze er een beetje in”, zoals ze het zelf zegt. Voor veel Roze Stadsdorpelingen waarschijnlijk herkenbaar: geen groot plan, gewoon ontdekken wat klopt.
Het spannendste moment was thuis. Hoe vertel je dat je niet met een man thuiskomt? Karin koos voor de subtiele aanpak: een briefje op tafel. Haar moeder belde haar op: “Dat is helemaal niet erg.” Probleem opgelost, nou ja, bijna. Het gesprek kwam later pas echt op gang, maar de warme basis was gelegd.

In 's-Hertogenbosch was destijds het uitgaansleven overzichtelijk verdeeld: mannen hier, vrouwen daar. Karin vond haar plek in het Vrouwenhuis en cafés als de Keulse Kar, Chez Nous en de Papillon. Dansen, ontmoeten, leven, het hoorde er allemaal bij.

En toen was daar Marij. Inmiddels zijn zij 41 jaar samen. Een leven samen opgebouwd, met een hechte vriendengroep in de straat van zeven vrouwen die regelmatig samen eten, helpen en er voor elkaar zijn. Sinds haar pensioen doet Karin precies waar ze zin in heeft. Wandelen in Portugal, straks weer naar Noorwegen, een huisje in Frankrijk en vooral: lummelen. “Ik heb lummeltijd nodig,” zegt ze. Gewoon een beetje staren, niks doen. Daarnaast wandelt ze, onderhoudt ze vriendschappen en probeert ze, met vallen en opstaan, een bridgeclubje op te starten. Bij deze dus haar oproep: Meld je aan. Echt doen hoor!

Via het Roze Stadsdorp is haar wereld nog groter geworden. Nieuwe mensen, een leesclub, en “ineens ken je veel meer mensen.” Dat is écht verrijkend.

Karin leeft niet groots of luidruchtig, maar voldaan. Met aandacht en een gezonde dosis lummelen. Misschien is dat wel de kunst.